Urgentie Sense of Place

In de aanloop naar deze column vroeg ik mij af wat te vertellen. Moet ik vertellen wat Sense of Place is en wat het belang is van onze organisatie?  Zal ik eens vertellen over het verschil tussen transitiepijn en transitieplezier? Transitiepijn horen we overal om ons heen tegenwoordig. Transitieplezier zou ik willen toevoegen om ook kenbaar te maken dat er nieuwe mogelijkheden en prachtige uitdagingen liggen. Of zal ik vertellen over het belang om transformaties te koppelen aan de taal van de verbeelding, aan ontwerpkracht? En over hoe Sense of Place hoopt creatieve denkers en doener, jong en oud, ervaren of jong talent, te verbinden met de de wensen en dromen van bewoners. 

Of zal ik juist vertellen over projecten waarbij burgers zelf het heft in handen nemen om hun eigen woon- en leefomgeving vorm te geven en te beheren? En hoe dit soms tot conflicten leidt tussen de systeemwereld van overheden en de leefwereld van burgers? Zal ik vertellen dat in een veranderende wereld ook de kunsten veranderen? En dat dus ook de opgaves veranderen voor de scheppende kunst: van autonome kunst naar bijdragen aan een betere wereld, denk klimaatverandering, energie transities, co-creatie, eigenaarschap en eigenheid en dat alles met de taal van de verbeelding!

Ja… dat alles wil ik wel vertellen. Een andere keer. 

Wat ik wil meegeven is onze eigen vraag: voor wie doen we dit allemaal als Sense of Place? Wie is de opdrachtgever van Sense of Place? Overheden, burgers, organisaties, etc? 

Wij zien als de echte opdrachtgever het landschap zelf. De Friese en Groningse Noordkust in al haar diversiteit, inclusief de zeedijk, de terpdorpen die er vlakbij liggen en de mensen die dit landschap mede gevormd hebben. Het landschap – dat in miljoenen jaren gevormd werd – kreeg met de komst van de mens een heel nieuwe dynamiek. We kijken nu niet alleen terug hoe het was, wat onze invloed was maar we proberen het landschap zelf ook meer en meer te bevragen. 

Met Sense of Place maken we het landschap tot een persoonlijkheid. Tot iemand die tot ons spreekt. Hoe ziet u de toekomst? Wat is uw verlangen? Wat zou u ons willen meegeven? En wat horen we dan als we goed luisteren? Kortom: wat kunnen we doen om het landschap – dat zonder twijfel zal blijven veranderen – van dienst te zijn?. 

Hoe kunnen burgers, overheden, organisaties gezamenlijk met de wereld van kunst en cultuur een bijdrage leveren aan de urgente opgaven die de komende jaren voor ons liggen. En dat alles niet om een definitieve oplossing te vinden maar juist de verandering te omarmen en te vieren en tegelijkertijd de nieuwsgierigheid te prikkelen naar de wereld om ons heen.

Ruud Reutelingsperger